Na het cursusje het evaluatietje

  

zapnimf1kleinwit-op-lichtroze   Madame en Chelone gingen me reeds voor. Hun produkt van de cursus ‘cursiefjes en columns’ viel eerder te lezen op hun blog. De eeuwige nakomer in mij hinkelt er slechts een maand later achteraan.
   
Het concept van dag twee bestond uit het bespreken van elkaars toetsenbordvruchten.
   
– Waarover gaat het schrijfsel?
– Stelling van de auteur?
– Voel je de betrokkenheid van de schrijver?
– Is het geschrevene herkenbaar?
   
– Zet de opening je aan om verder te lezen?
– Worden er beelden gebruikt?
– Vertrekt de auteur van een verrassende/controversiële stelling/observatie?
   
– Is de structuur helder?
– Is het verhaal chronologisch verteld?
   
– Eindigt het stukje sterk?
– Wordt er een gedachte rond gemaakt?
   
– Is de titel kernachtig? Zet hij aan tot lezen?
   
– Omschrijf de stijl van de auteur.
– Schrijft hij/zij helder? Kernachtig? Polemisch of satirisch? Luchtig?
– Zit er humor in de tekst? Soort?
   
– Tekstlengte?
   
Tekstlengte? TEKSTLENGTE? Watte tekstlengte?
De cursief mocht maximaal één aaaaa(rgh)viertje bedragen en de column vijfhonderd woorden, waar je er nadien nog eens honderd van moest verwijzen naar de prullenbak. 
Een gescheurde kattenbel in Madonna’s vuilbak brengt duizenden euro’s op en ik zou een vijfde van mijn gekoesterde woorden met één pinkpor het zwarte niets achter de harde schijf moeten insturen? Hallo?
Het besluit tot een cursief was dus snel genomen. Leve de variabele lettergrootte en kantlijnen! Alinea’s gescheiden van elkaar met witruimte? Dat comfort sloeg ik voor het gemak over. Een mens mag wel wat leesbaarheid inboeten voor die paar lijnen extra, me dunkt.
   
Bij het ontvangen van andermans pennenpluksels, viel het me op dat ieder van hen de gave had van hun gedachten te kunnen terugbrengen tot de essentie van een halve bladzijde. Het zette me alleen maar aan tot meer gepoter in word.
   
Hieronder leest u de verbeterde versie, maar ook de niet helemaal verbeterde versie. Sommige opmerkingen (zoals schrappen die handel) heb ik bewust genegeerd. Ik vind dat ik trouw mag blijven aan dat gen dat mij in staat stelt te veel adjectieven tussen te voegen. ’t Is maar een blog hoor. De mijne dan nogwel. Dus ik ben, ik doe, ik word koppig genoemd en zal toch nooit in een echte gazet verschijnen, zodus…
   
   
   
Na het vuurtje het zuurtje
   
Altijd jolijt, vijf bijeengedreven wildvreemden in een visbak. Bij Ikea is het niet anders, alleszins niet in die restauranthoek die ze voorbehouden voor hen die het niet opbrengen hun sigaretten een hele winkeltocht op zak te houden. Het kostte mij slechts een halve stap mist doorploeteren om te worden opgenomen in de groep. Ik onderdrukte net de neiging tot luchtschoolslag toen een van de mederokers vanachter een spiraalwolk sigaar me met één inhaal betrok bij het gesprek : “Sociaal, sociaal zeg ik u, dat zijn wij, gedoemd verbannen soortgenoten, vindt u niet?”
   
“Als we het niet zijn, worden we ertoe verplicht,” monkelde ik.
De binnenhuisarchitect van deze meubelkeet leek mij een regelrechte grapjurk. Hij zette ons achter glas, op hoge krukken terwijl zij – ik gebaarde in gedachten mijn kin in de richting van het stoelzittend publiek – zich kon overgeven aan het rokertjes vergapen. Die gifgroene muur achter ons was waarschijnlijk aangebracht om ons te accentueren.
Hoe zouden wij het in deze omstandigheden in ons hoofd halen ons niet te pletter te amuseren?
Om mijn wijsheid een krachtstoot toe te brengen, gesticuleerde ik er uitbundig op los.
   
“Waar ik ook mijn rookwaar bovenhaal,” kirde een hoogopgestoken blonde knot met aubergine nagels, “ik vind altijd bereidwillige handen met aanstekers erin.” Ze pauzeerde even om de stoom van haar onderwerp uit haar neusgaten vrij spel te geven.
“Vriendelijke mensen, stuk voor stuk, de leukste babbels worden in het sigarettenhol uitgewisseld.”
   
Uit de hoeken van ons gelegenheidsaquarium klonken tal van bevestigende kreten. Ik hoopte maar dat deze plots sprekende protagonisten van de stinkstok hun jeuj-gebaar niet vergaten en het liefst ietsjes spontaner dan de winnaars van ‘Het rad van fortuin’ vroeger uit hun ledematen plachten te schudden. Stel je voor dat we geobserveerd werden!
   
Een oude knar, die te beoordelen naar zijn gele vingers en dito snor, volgens de wetenschap al lang kankergewijs onder de zoden had moeten liggen, rochelde verder : “Weet u nog? Vroeger? Iedereen vrijpostig dampen in zijn eigen besloten kring? Ik heb er alvast geen heimwee naar. Maar ik heb dan ook een abominabel kennissenbestand, blij dat ik daar af en toe mag uitbreken.”
Daar moesten we me zijn allen toch enkele wegtikkende seconden over nadenken. En de gelegenheid bij zijn lurven grijpen om er alras nog eentje op te steken.
   
– “Mja, mja, mja,” sprak iemand die ik spontaan zou willen omschrijven als de intellectueel van het hok, al was het maar door de gedecideerde toon van deze drie uitgesproken woorden die schuilgingen achter twee perfecte blauwe kringen. Dit staaltje kunst is enkel het ware talent geschonken. Twee nog wel!
   
Intussen waaide er een oer-Antwerps koppel binnen. Om dat te ontdekken waren er slechts enkele lettergrepen nodig.
   
“Mja, mja, mja”, herhaalde de intellectueel om de nieuwkomers niet te benadelen, “nurkse vrienden of niet, het blijft een feit dat we onze hobby, geografisch gezien, bijna nergens meer kunnen beoefenen. Soms voel ik mij de Salman Rushdie van de antirokersliga.”
   
“Wat je zegt, Salomon!” interveniëerde de vrouw die dagelijks de schaduw van de Boerentoren moest torsen, onverschrokken onze replieken naar de verdoemenis. “Neem onze Turkse vrienden en onze Marokkaanse. Die mogen alles. Of ze denken dat ze alles mogen!”
   
Wij zwegen. Zij zocht oogcontact. Wij vermeden. Iemand kuchte de stilte aan flarden. Het klonk anders dan het gewoonlijke gekraak van de keel.
“Ik dacht dat roken en drinken niet getolereerd werden in de moslimgemeenschap?” probeerde de gedoemd verbannen sociale sigaar nog, maar Filipa Dewinter spuide knetterende oproertaal, niet eens gehinderd door een IQ van meer dan twee cijfers.
   
De door mij gestimuleerde mimische ondersteuning vond gretig afname. Wie aan de andere kant van de visbak zat, kreeg een schouwspel van vijf bologige vissenkoppen, snakkend naar lucht.
Frisse, racismevrije lucht.
   
   
Bespreking :
– De titel trekt op niks. Maak hem kernachtig, hij zet niet aan tot lezen.
Spijtig, maar ik laat hem staan. Dat zuurtje staat voor de verzuring in de maatschappij en wie niet meteen mee is, tant pis.
   
– Complexe zinnen en veel bijvoeglijke naamwoorden, probeer je stijl te vereenvoudigen.
Sorry sorry sorry… luktmeniet.
   
– Premisse : de lesgeefster zag er dit in : racisten vervuilen de lucht meer dan rokers, maar ze wist niet of elke lezer deze tweede laag beet heeft.
Hm? Diep! Maar ikzelf wilde meer de oppervlakkige gezelligheid (het wij-gevoel) tussen de rokers aan de kaak stellen die als een vervuilde luchtbel uit elkaar spat, van zodra ook in het rookhol (de hier totaal misplaatste) verzuring binnendringt. Je kan er nergens aan ontsnappen.
   
– Wel ok : visueel geschreven en de eufemismen.
   
En vooral : echt gebeurd!

Advertenties

10 Reacties to “Na het cursusje het evaluatietje”

  1. gewebkijk Says:

    nog leuker ? dat kan haast niet…
    ge gaat het hier nu toch niet gekunsteld maken hé..!

  2. zeezicht Says:

    Ik vrees dat geen enkele leraar jou in een vakje kan plaatsen. qua schrijfsels. Je zou zap niet meer zijn.
    Schrijf maar vanuit jezelf, we vinden het best te genieten.

  3. (mw) Says:

    Ik stapte onlangs ook eens dat aquarium binnen met smekende longen. O man, de stank is er niet te harden. Voortaan ga ik buiten een sigaretje roken.

  4. vandepotgerukte Says:

    Gaan roken bij Ikea?! U houdt er rare hobbies op na.
    Leuk schrijfsel.

    Was getekend

  5. beo Says:

    Zo had ik ’t nog niet bekeken; ik kom hier vooral om geoefend te blijven in ’t diagonaal lezen… 😉

  6. omamoetje Says:

    Leuk, bij IKEA aquariumpje kijken. Doe ik, geen roker, genietend van een kopje koffie, leedvermaak, slecht karakter, en toch ook een beetje medelijden met mijn rokende man en zoon in het hok.
    Goed beschreven !

  7. tulp(D.) Says:

    Inderdaad echt gebeurd. Ik stond er bij, keek er naar, wist ni wa zeggen, inhaleerde nog een keer terwijl ik de vorige nog niet had uitgeblazen en stikte bijna…

  8. micheleeuw Says:

    Blijf jij maar schrijven in je eigen stijl. Zo heb ik het graag want telkens is het genieten en lachen !

  9. georgina Says:

    O, ik wist niet dat dar cursussen voor bestonden… Ik zal mij eens informeren in mijn regio.

  10. anna Says:

    Ik moet al vaak (glim)lachen als je gewoon je titels lees, dat betekent dat je goed bezig bent toch?


Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s