Hoe zapnimf nog meer reusachtig werd.

Test test test.
Voila, mijn dagplanning voor 20 september, nuchter en hongerig.

In al die gangen van abdominale, metabole, hepatologie kundes, kreeg ik een ankerpunt bij de metabole ziekten en werd ik vandaar naar alle hoeken van dat ziekenhuis gestuurd en terug om het volgende briefje met mijn route op te halen. Georganiseerd waren ze wel, die rakkers van de gastro-enterologie.

Op halte één werd ik gewogen en gemeten. Raad eens, ik ben zowaar nog anderhalve centimeter gegroeid in mijn onwetende volwassen leven.
Ongelukkigerwijs ben ik ook in de breedte uitgedeind door al dat geneeskundig getalm. Sinds begin juli telde de verpleegster al 7 kilogram meer. Slik. (Of net niet! Nooit meer slikken!) Jeetje, dat ging me daar mentaal al weken de verkeerde kant uit. Probeer al dat lekkers maar te laten staan als je weet dat er binnenkort iets onomkeerbaars te gebeuren staat.
Voorts kwamen er nog wat tangetjes aan te pas om vetrollen te meten op armen, rug en buik. En weer een vragenlijstje natuurlijk, hoeveel  mijn kinderen wogen bij de geboorte. Shitterdeshit!

De volgende stop eindigde in een soort van futuristische glijbaan, waar je halverwege in blijft steken en waar een geroezemoesje gezoem je hoeveelheid vet meet. Dachten ze misschien dat ik zo zwaar weeg omwille van de hoeveelheid spieren?

De echograaf was ook weer zo voorspelbaar. Ik voelde hem aarzelen en hercontroleren en nog eens een veegje met die cameradop over de gel. “Bent u aan mijn lever aan het haperen?” vroeg ik, u blijft daar zo lang hangen. ‘Betrapt’, las ik op zijn gezicht. En hij mompelde iets over vervetting en wendde zich snelsnel terug naar zijn schermpje.

Als ik al onder de indruk was van de teletijdmachine van twee alinea’s hierboven, dan werd ik helemaal weggeblazen door de capsule die mij nu ging monsteren. Een half uur op voorhand kreeg ik radio-actieve vloeistof ingespoten en gedurende acht minuten hing er een onbeweeglijk blok aan een kraanarm op nauwelijks twee centimeter van mijn romp. Als je last hebt van claustrofobie, mensen, blijf dan vooral slank, want dit leek sterk op ‘pletten’. Mijn te volgen schema leerde mij dat deze kwelling diende om de lever en de milt te scannen. Die lever moet echt wel een koninginnenorgaan zijn, zo’n aandacht krijgen.

Ondertussen liep het tegen de middag en seinde mijn maag knorretjes naar het verplegend personeel dat het bijna welletjes geweest is. Bij de endocrinologie (ik lees het ook maar af van mijn papiertje) bood iemand zeer vriendelijk mij een drankje aan. Ik mocht zelfs kiezen, citroen of sinaasappelsmaak. Snakkerdesnak, een vruchtensapje zou weldadig smaken.
“Niemand die zei dat het lekker was hè?” smoesde de ineens niet meer zo goedaardige medische troela. Wat ik verplicht binnenklokte was een beker lopende oranje suiker. Het was tijd voor een bloedafname met glucosedrank om te zien of ik reeds onzichtbaar geveld was door suikerziekte. Terwijl mijn mond zowat dichtplakte van de siroop, werd mijn bloed mij in tubes om het kwartier ontnomen, daarna om het half uur en dit voor drie uur lang. De dame naast mij in hetzelfde schuitje en tevens in een gemakkelijke fauteuille snurkte de reageerbuizen van het schap. Uw voorzienende zapnimf had een boek bij, maar knikkebolde toch ook af en toe.
Op het eind spraken we van drie uur namiddag. De nagalm van “Neenee, om half twee ben je zeker van alles vanaf.” begon zuur te smaken. Goddank mocht ik vanaf nu wel drinken en eten. Ik pikte een plastieken bekertje en ieder toilet dat ik passeerde, dook ik binnen om het te vullen aan de kraan. In mijn tas zat één miezerige appel. Eén.

De kaken nog bol van vijftien beten appel achter elkaar, meldde ik mij aan bij de afdeling hartziekten, de laatste opgaaf van die dag… en 100 hartgemankeerden in die wachtzaal. Mijn bekertje had de tocht erheen in mijn tas niet ongeschonden overleefd, maar dat merkte ik pas toen de vensterbank waar ik neergezet had, verdacht begon te lekken. Uitgerekend dan sommeerde een kordaat iemand mij om haar te volgen. Een beetje gegeneerd keek ik bij het voorkruipen die talloze echte zieken niet in het oog. Op mijn blote lijf, werden een stuk of wat ECG-plakkers aangebracht en gedurende twee minuten draaide er een hartfilmpje en ‘plop’ zeiden die dingen en ze sprongen allemaal tegelijk als vlooien die een kat zien voorbijkomen van mijn lichaam.

Toen had ik het wel gehad voor die dag. Koppijn!

Uitslag op 03/10 :
– geen diabetes, zelfs geen begin (Hoera! Mijn grootste angst)
– een hart als dat van een sumoworstelaar, een kerngezonde worstelaar welteverstaan.
– vervetting van de lever, maar geen littekens. Littekens zijn blijvend, vervetting zal wegsmelten bij het vermageren.
– Beetje te veel vet aan het lijf, beetje veel te veel vet eigenlijk

“Maar zou je wel eens willen tekenen zodat wij een staal van de lever en een flinter vetweefsel mogen vergaren voor ons onderzoek naar obesitas?”
“Ja hoor, kan je ineens daar en daar en daar en hier ook wat vet mee afschrapen? Eigenlijk zo helemaal rondom. Dank u wel!”

 

(gastric bypass / maagverkleining 9)

19 Reacties to “Hoe zapnimf nog meer reusachtig werd.”

  1. Veerle Says:

    Oink, al die testen, amai mijne frak! Zoveel heb ik er nooit gehad zunne, wel wat echo’s en harttesten, maar zeker geen scans en dergelijke, of speciale lever- en vetmetingen. Geen futuristische ruimtetuigen voor mij. Wel ergens nog een test om de longcapaciteit te kennen (iets dat moet voor elke grote operatie, blijkbaar).
    Die test voor suikerziekte had ik al een paar keer gehad, maar die was altijd ’s ochtends om 8 uur, dus dat nuchter blijven viel toen elke keer wel mee. Vooral dat niets mogen doen (behalve stil zitten en lezen) tussen de bloedafnames vond ik leuk 🙂

  2. Gudrun Says:

    “Metabole oppuntstelling” mwoeha, van eufemisme gesproken zeg!

    Ne mens zou bijna medelijden krijgen :-p Maar ik ben al 17 keer onder gehele verdoving geweest, mij moet je dus niet meer spreken van onderzoeken en ziekenhuismedelijden. Alhoewel :-p

  3. Margogogo Says:

    ‘k heb zo een pasteldonkergroen vermoeden dat je een tikkeltje content bent dat ge van al die reutemeteut vanaf zijt. En nu is’t wachten tot de stukken ervan afvliegen.

  4. bart Says:

    nuchter? Oedadde? Geen Duvelke voor ontbijt ? Tssssss! Wat een gebrek aan consideratie van dat medisch instituut!

  5. zeezicht Says:

    ja die onderzoeken… niet zo leuk!
    en dat nucleaire, moet je eerst nog uitplassen.
    hebben ze je niet gezegd: na het plassen, deksel dicht en twee maal spoelen.
    en niet inademen!

  6. Marjelle Says:

    Wat een gedoe en gesjouw en onderzoek! Pfff…
    Met mijn claustrofobie krijgen ze me met geen tien paarden in zo’n capsule idd!
    Ik hoop dat je gauw weer opknapt en dat de kilo’s erafvliegen. Veel succes!

  7. HansDeZwans Says:

    Ik heb precies het gedacht, als ik dit zo allemaal lees, dat we achter een aantal maanden voor en na foto’s te zien gaan krijgen.
    Ik vind het ferm wat je allemaal doet, ik hoop ook dat het goed verloopt voor je. Trouwens, wij duimen hier allemaal voor je.

  8. ysabje Says:

    zo schrijven dat gij doet! ik kan zo rap niet lezen hoor! zo rap! gij moet in bloedvorm zijn met uw tempo! als ge van schrijven zou afvallen…..

    die 24-uurscollectie… wat een woord seg. En wat een idee. Het containertje van de vorige post geeft een idee.
    ik ben blij dat er van u zoveel is. Want ge deelt het met velen en daar ben ik dankbaar voor!
    🙂


Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: